Uw geluidsprocessor aanpassen

In dit gedeelte vindt u informatie over het aanpassen van het volume, het overschakelen naar een ander programma en het wijzigen van de instellingen van uw Cochlear™ Baha® 3 Power geluidsprocessor (BP110 Power).

Baha user Anna

Het volume aanpassen

Om het volume handmatig aan te passen, houdt u de geluidsprocessor rechtop, met de snapkoppeling van u weg gericht. Druk op de rechtertoets om het volume te verhogen, of op de linkertoets om het volume te verlagen.

Telkens wanneer u op de volumetoets drukt, klinkt er een piepje. Wanneer u het standaard volume bereikt (zoals dat door uw audioloog is ingesteld), knippert het lampje twee keer kort en klinken er twee korte piepjes. Wanneer u het minimale of maximale volumeniveau bereikt, licht het lampje lang op en klinkt er een lange pieptoon.

U kunt het volumeniveau aanpassen terwijl u uw geluidsprocessor draagt. Ondersteun de geluidsprocessor aan de onderzijde met uw duim en bedien met uw wijsvinger de toetsen op de bovenzijde van de geluidsprocessor.

Als het niet lukt om het volume zoveel te verhogen of verlagen als u zou willen, neem dan contact op met uw audioloog zodat deze de geluidsprocessor op uw behoeften kan afstemmen.


Overschakelen naar een ander programma

Op uw Baha 3 Power geluidsprocessor kunnen maximaal drie verschillende programma’s voor verschillende luisteromgevingen geprogrammeerd worden. Om over te schakelen naar een ander programma, drukt u kort op de middelste toets. U krijgt hoorbare en visuele signalen afhankelijk van het programma dat u heeft gekozen (er is één piepje/flits voor Programma 1; er zijn twee piepjes/flitsen voor Programma 2; enz.).

Een optioneel DAI-programma (voor directe audio-input), dat uw audioloog kan instellen, stelt u in staat uitsluitend te luisteren naar geluiden van accessoires die via de DAI binnenkomen. In alle andere programma's wordt input via de DAI gecombineerd met input via de microfoon.

U kunt overschakelen naar een ander programma terwijl u uw geluidsprocessor draagt. Ondersteun de geluidsprocessor aan de onderzijde met uw duim en bedien met uw wijsvinger de toetsen op de bovenzijde van de geluidsprocessor.


Toetsvergrendeling

Met behulp van de toetsvergrendeling kunt u de instellingen voor programma en volume beschermen en ervoor zorgen dat ze niet onbedoeld kunnen worden gewijzigd.

  • Om de toetsvergrendeling in te schakelen, houdt u beide volumetoetsen gedurende 5 seconden ingedrukt. Het blauwe lampje knippert om aan te geven dat de toetsvergrendeling is ingeschakeld.
  • Om de toetsvergrendeling uit te schakelen, houdt u beide volumetoetsen gedurende 5 seconden ingedrukt. Het oranje lampje knippert om aan te geven dat de toetsvergrendeling is uitgeschakeld.